KDC

Terwijl jij rustig achteroverleunt …… neemt de werkdruk bij de ground controller toe.  

Iedereen wil in de zomer lekker op vakantie. Een leuke citytrip naar Barcelona of een strandvakantie op Curaçao. In het hoogseizoen heerst topdrukte op de luchthavens. En dat merkt de ground controller op Schiphol ook. Terwijl de gemiddelde Nederlander relaxt achterover zit in zijn vliegtuigstoel, houdt de ground controller soms wel 20 vliegtuigen tegelijk in het vizier. Kan hij de werkdruk nog aan?

Zicht op de werkdruk 

Stichting KDC is bezig om een model te ontwikkelen dat de werklast van een ground controller in kaart brengt. Een ground controller begeleidt het vliegverkeer over de taxibanen. Projectleider Sigmund Lentze: “Hoe meer vliegtuigen hij in de gaten houdt, hoe hoger de werkdruk wordt. Maar er zijn meer factoren voor een toenemende werkdruk. Zoals de moeilijkheid van baancombinaties. Het model voorspelt hoe deze factoren de werkdruk beïnvloeden. Het is gebaseerd op het bestaande werklastmodel voor area control.”  

De factoren van het model 

Om de totale werklast voor de ground controller te berekenen, kijken we naar de vluchten die hij ‘under control (UCO)’ heeft. Gemiddeld zijn dit 10 tot 15 vliegtuigen tegelijkertijd. De werklast is opgedeeld in 2 waarden: de werklast van alle vluchten UCO die elkaar tegenkomen (interactie) en de werklast per vlucht UCO. Deze laatste is weer onder te verdelen in veel verschillende factoren. Zoals kruisingen, hotspots en complexe exits. Samengevoegd komen daar 4 belangrijke factoren uit: interactie, taxi, apron (parkeerplaats aan de gate) en planning.   

Van model tot datamodel 

De experts hebben voor elke denkbare route van baan naar apron en andersom nauwkeurig het gewicht van de werklastverzwarende factoren bepaald. Lentze: “De gewichten, of ‘WL-coëfficiënten’, hebben we vastgelegd in een datamodel. De cijfers in het datamodel voorspellen de werklast. Het datamodel is een matrix met daarin alle routes die kunnen voorkomen in een baancombinatie. En met de WL-coëfficiënt per factor voor elke route. Hoe hoger het cijfer, hoe ingewikkelder de combinatie. En dus hoe hoger de werklast.” In totaal hebben we 4 datamodellen opgesteld voor de 4 meest voorkomende baancombinaties. Ook is vastgelegd hoe de expert telkens tot het oordeel komt.   

En hoe dan verder 

Volgens Lentze vormt het model een goed uitgangspunt om variaties verder te onderzoeken. “De voorspelde data moeten nog in de praktijk getest worden. We zien dan pas hoe goed de waarden werkelijk zijn. Daarmee kunnen we uiteindelijk de werklast van de ground controller beter voorspellen. We weten dan bij hoeveel vliegtuigen de druk te hoog wordt. En wat we kunnen doen om die werkdruk te verlagen. Zodat uiteindelijk iedereen fijn in zijn stoel zit.”

Zoeken

Opdrachtgevers

 

Partner KLM